Het is erg leuk om een kleine kunstcollectie op te bouwen, ook omdat ik mezelf weer op hele nieuwe manieren leer kennen via mijn kunstaankopen.
In het boek 25 jaar plezier in kunst van Ruud en Marga Lapré las ik ook al zoiets:
Kunst is bij ons een aangenaam uit de hand gelopen liefhebberij. Gelukkig geldt dat voor ons beiden, wij zijn partners in crime. Vijfentwintig jaar samen intensief met kunst bezig zijn, laat sporen na. Wij voelen ons daar wel bij. Met kunst bezig zijn is leuk, boeiend, maar ook veeleisend. Er gaan bergen vrije tijd in zitten, maar we krijgen er veel voor terug. We groeien mee met de objecten, leren hun taal spreken en proberen hen beter te leren kennen. Zij tonen hun dankbaarheid voor de moeite die wij daarvoor doen.”
Ik denk dat er iets reflexiefs in de relatie kunstwerk <-> koper zit, net als in de relatie kunstwerk <-> maker. Je ziet en koopt de kunst omdat je iets van jezelf of je leven herkent in het werk, of juist een interessant contrast ziet. Als je het werk eenmaal in huis hebt, investeer je emotionele energie in de relatie. Je kijkt er elke dag naar en gaat het (hopelijk) nog meer waarderen. Je leert, in de woorden van Ruud en Marga Lapré, “de taal van de kunstwerken spreken”, en zo leer je weer iets over jezelf.
Nu ik op veilingen en in tweedehandswinkel wat leuke dingen bij elkaar heb verzameld, kan ik opeens overeenkomsten zien tussen hele verschillende werken. Blijkbaar heb ik allerlei onbewuste patronen in mijn aankoopgedag.

So far heb ik deze categorieën ontdekt:
Azië
Ik wist al dat ik van Aziatische of door Azië geïnspireerde kunst houdt. Ik ben bijvoorbeeld erg geïnteresseerd in Japanse cultuur en kan erg genieten van traditionele kimono-patronen, houtsnedes, inktschilderingen, en allerlei Aziatische (toegepaste) kunst. Ik houd ook van andere kunstuitingen zoals haiku en Japanse films.
Voorbeelden uit deze categorie: mijn Chinese liuli tijger, aquarelschilderijen van Henri Tieland gemaakt in China en Indonesië, een inktschildering van pruimenbloesems, de vrolijke Indiaase Gond-kunst van Durgabai Vyam, gouaches van Thei Evertz met veel Japanse folklore erin, en een risoprint van Maaike Fokkink, die duidelijk geïnspireerd is op Japanse houtsnedes.




Bomen
Mijn collectie is compleet onbewust deze kant op gegroeid (ha) en volledig organisch (ha) tot stand gekomen. Ik houd van geometrisch abstract, of figuratieve kunst. Als ik figuratieve kunst leuk vind, is er bijna altijd een boom (of plant of bloem) in te vinden.
Voorbeelden: de knotwilgen van Hendrik Valk, het landschap met de blauwe boom van Eugene Terwindt, het impressionistische bomenlaantje van Aleid Slingerland, de bomen van Henri Tieland, de ets Albero (boom) van Maurizio Bottoni, en de hortensia-ets van Laetitia de Haas.



Felrood en helder blauw
Voor deze heb ik ook geen verklaring, maar deze persoonlijke voorkeur is duidelijk te zien in mijn kledingkast en nu ook in mijn kunstcollectie. Ik kan het niet rationeel verklaren. Blijkbaar zijn er bepaalde kleuren rood en blauw waar ik ‘aan’ van ga en blij van wordt.
Voorbeelden: de abstracte composities van Jean Baier, weer de Gond-kunst met Vishna en zijn slang-buddy Sheshnag, de blauwe boom van Eugene Terwindt, de stoel van Dirkjan Ribbeling, en het blauw in de risoprint met de vos.


Het is nu zomervakantie dus er zijn weinig veilingen (en dus weinig catalogi om door te spitten), maar ik ben benieuwd wat ik in september weer allemaal ga ontdekken. In de kunst, en in mezelf.








